Eeuwigheid, wat is aionisch leven ?
Een studie van Mike Vinson - vertaald door Robin Korevaar
Er word ons vaak gevraagd: "wat is aionios leven ?" Dit is een simpele vraag, maar door de totale afval van het gevestigde christendom en het uitgebreide streven wat er is om de betekenis van het Griekse woord "aion" en "aionios" te verduisteren, zal het toch wel enkele pagina's in beslag nemen om deze vraag naar behoren te beantwoorden.
Het is altijd beter voor ons om Gods Woord, en niet de doctrines van mensen, onze vragen te laten beantwoorden. Dus, wat wordt ons in de Schrift geleerd over aionios leven ? Leert de schrift ons dat aionios leven nooit eindigt ? Als dat waar is, graag boek en vers.
Wanneer in de vraagstelling dit woord in bijvoegelijke zin gebruikt wordt om dit leven te omschrijven dan is dat precies wat dit Griekse woord is. Het is de bijvoegelijke vorm welke in zelfstandige vorm het Griekse woord "aion" is. Als we ooit tot een begrijpen moeten komen wat de betekenis is van dit bijvoegelijk naamwoord, moeten we eerst weten wat het zelfstandige naamwoord waar het van afgeleid is betekend. Je moet altijd een zelfstandige vorm hebben van een woord voor je een bijvoegelijke vorm hebt.
Met andere woorden, je moet eerst het woord "dag" hebben voor je kunt spreken dat iets "dagelijks" gebeurt. Je moet eerst "week" hebben voor je kunt spreken over "wekelijks", en je moet eerst maand of jaar hebben om het over maandelijks of jaarlijks te kunnen hebben. Je zou nooit, onder geen enkele omstandigheid het woord "dagelijks" kunnen gebruiken voor elke honderd jaar, en het zou van geen enkel begrip getuigen wanneer we het woord "dagelijks" vertalen met "eeuwigheid". En zo is het ook met dit Griekse woord "aion" en het bijvoegelijk naamwoord "aionios"
Je zult een helder inzicht moeten hebben van hoe de Heilige Geest het zelfstandig naamwoord "aion" gebruikt voor je kunt begrijpen hoe Gods Heilige Geest het gebruik van het Griekse woord "aionios" de bijvoegelijke vorm van "aion" bedoelt.
Je kan naar E-Sword, of naar een ander van de vele digitale Bijbel Concordanten gaan en 165 intypen, het Strong's nummer voor dit Griekse woord "aion". Als je dit doet, dan moet je aangeven dat er gezocht moet worden in het nieuwe Testament zodat je niet het Hebreeuwse woord krijgt met het door Strong's aangegeven nummer 165
De eerste keer dat dit woord voorkomt in het Nieuwe testament is Mattheus 6:13, aan het eind van wat men "het gebed des Heren" noemt. Matth 6:13 "En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van den boze. Want Uw is het Koninkrijk, en de kracht, en de heerlijkheid, in der eeuwigheid [Grieks-aion], amen."
Het kan schokkend overkomen, maar als de vertalers van de Statenvertaling objectief waren geweest, dan had "Want Uw is het Koninkrijk, en de kracht, en de heerlijkheid, in der eeuwigheid [Grieks-aion], amen" schuin gedrukt gestaan, want deze hele zin staat namelijk niet in de originele Griekse manuscripten. Dit wordt wel opgemerkt in de DRB, CEV, GNB, REV, CLV en vele andere vertalingen. Om deze reden gaan we door naar het volgende vers welke wel ontegenzeggelijk in de Heilige Schrift staan. Hier komt het eerste ontegenzeggelijke gebruik van dit Griekse woord "aion" in het Nieuwe Testament.
Matth 12:32 "En zo wie enig woord gesproken zal hebben tegen den Zoon des mensen, het zal hem vergeven worden; maar zo wie tegen den Heiligen Geest zal gesproken hebben, het zal hem niet vergeven worden, noch in deze eeuw [Grieks - aion], noch in de toekomende."
Laten we ons nu eens eerlijk afvragen of dit woord "aion" over eeuwigheid spreekt. Spreekt dit vers over een eindeloze tijd zoals Strongs's "door toevoeging" dit woord definieert ? Strong's Concordance definieert dit Griekse woord "aion" "op de juiste wijze" als "een tijdperk" Maar dan voegt mr. Strong toe aan het Woord van God en verteld zijn lezers "door toevoeging, eeuwigheid". Dit is hoe de doctrines van mensen hen geleid hebben om toe te voegen aan een defenitie van een woord die door Gods Heilige Geest alreeds "op juiste wijze" gedefinieert was als "tijdperk" Ik zal u het woord "aion" uit Strongs Concordance laten zien:
G165
a???´?
aion
ahee-ohn'
From the same as G104; properly an age; by extension perpetuity (also past); by implication the world; specifically (Jewish) a Messianic period (present or future): - age, course, eternal, (for) ever (-more), [n-]ever, (beginning of the, while the) world (began, without end).
"Properly an age" = "op de juiste wijze een tijdperk" Dat is nogal een erkenning...een bekentenis. Maar waarom zou je je druk maken om iets op "de juiste wijze" te doen als je een kerkdoctrine te verdedigen hebt. Waarom niet by extension = door toevoeging de betekenis van "dagelijks" veranderen in "eeuwigheid" ?
Er zijn veel meer verzen in het Nieuwe Testament die demonstreren hoe dwaas het is om te pogen dit woord "eeuwig, in der eeuwigheid, eeuwiglijk, wereld of alle eeuwigheid te laten betekenen. Het feit dat er 9 Engelse woorden of zinsnede's (In het Nederlands zijn het er minder, de vertalingen komen niet overeen. Waar de King James Version in Efeze 3 het woord "aion" vertaald met "wereld zonder eind", vertaald de Statenvertaling "tot alle eeuwigheid") gebruikt worden door de vertalers om dit ene Griekse woordje, waarvan toegegeven wordt dat het "properly" = "op de juiste wijze" vertaald wordt met "tijdperk", zou elk eerlijk, onderwijzend en denkend mens opnieuw overwegen hoe dit woord gebruikt werd door de originele schrijvers, onder de inspiratie van Gods Heilige Geest. Daar we niet de tijd kunnen nemen om alle verzen te belichten in het Nieuwe Testament, zullen we alle verzen geven waar het woord voorkomt, en zullen we de eerste vier belichten, om te demonstreren hoe onmogelijk het is om, als het zelfstandig naamwoord "op de juiste wijze een tijdperk" betekend, dit zo te verdraaien en te verkrachten dat het door "toevoeging" opeens ook "eeuwigheid" of iets anders wat de gedachte van "tijdperk" "een periode van tijd, lang of kort, met een absoluut begin en een absoluut eind, voorbij gaat. Hier komt elk vers waar dit woord in het Nieuwe Testament wordt toegepast vanuit E-Sword. Merk op hoe ver de vertalers gaan om Gods Woord zo te verdraaien zodat het precies in hun valse doctrine van eeuwig hellevuur past.
G165
a???´?
aio¯n
Total KJV Occurrences: 129
ever, 72
Mat_6:13, Mat_21:19, Mar_11:14, Luk_1:33, Luk_1:55, Joh_6:51, Joh_6:58, Joh_8:35 (2), Joh_12:34, Joh_14:16, Rom_1:25, Rom_9:5, Rom_11:36, Rom_16:27, 2Co_9:9, Gal_1:5 (2), Phi_4:20 (2), 1Ti_1:17 (2), 2Ti_4:18 (2), Heb_1:8 (2), Heb_5:6, Heb_6:20, Heb_7:17, Heb_7:21, Heb_7:24, Heb_13:8, Heb_13:21 (2), 1Pe_1:23, 1Pe_1:25, 1Pe_5:11 (4), 2Pe_3:17-18 (2), 1Jo_2:17, 2Jo_1:2, Jud_1:13, Jud_1:25, Rev_1:6 (2), Rev_4:9-10 (4), Rev_5:13-14 (4), Rev_7:12 (2), Rev_10:6 (2), Rev_11:15 (2), Rev_14:11 (2), Rev_15:7 (2), Rev_19:3 (2), Rev_20:10 (2), Rev_22:5 (2)
world, 37
Mat_12:32, Mat_13:22, Mat_13:39-40 (2), Mat_13:49, Mat_24:3, Mat_28:20, Mar_4:19, Mar_10:30, Luk_1:70, Luk_16:8, Luk_18:30, Luk_20:34-35 (2), Joh_9:32, Act_3:21, Act_15:18, Rom_12:2, 1Co_1:20, 1Co_2:6-8 (4), 1Co_3:18, 1Co_8:13, 1Co_10:11, 2Co_4:4, Gal_1:4, Eph_1:21, Eph_3:9, Eph_3:21, Eph_6:12, 1Ti_6:17, 2Ti_4:10, Tit_2:12, Heb_6:5, Heb_9:26
never, 8
Mar_3:29, Joh_4:14, Joh_6:35, Joh_8:51-52 (2), Joh_10:28, Joh_11:26, Joh_13:8
evermore, 3
2Co_11:31, Heb_7:28, Rev_1:18
ages, 2
Eph_2:7, Col_1:26
end, 2
Eph_3:21 (2)
eternal, 2
Eph_3:11, 1Ti_1:17
worlds, 2
Heb_11:2-3 (2)
course, 1
Eph_2:2
De hierboven aangehaalde verzen staan in de King James Version, negen verschillende Engelse vertalingen voor één kort Grieks woord..."aion" Maar twee uit de 129 keer is het op juiste wijze vertaald, met tijdperk namelijk Efe 2:7 en Kol. 1:26. (In de Statenvertaling niet, daar heeft men "van alle eeuwen" en "toekomende eeuwen" vertaald) Neem de tijd om alle verzen door te lopen en probeer om het "eeuwig" te laten zeggen. Het is absurd. Neem de tijd om de de vertalingen in Efeze en Kolossenzen te lezen, en je zult ontdekken waarom men daar met geen mogelijkheid dit woord kon vertalen in waarmee ze het wilden vertalen zonder zichzelf bloot te geven als manipulators van Gods Woord. Om er enige andere betekenis aan te geven "toe te voegen" dan wat het "op de juiste wijze" zegt, Mr. Strong's eigen bekentenis aanhalend, is toevoegen aan Gods Woord. En wat wordt ons verteld aangaande het toevoegen aan Gods Woord ?
Deu 4:2 Gij zult tot dit woord, dat ik u gebiede, niet toedoen, ook daarvan niet afdoen; opdat gij bewaart de geboden van den HEERE, uw God, die ik u gebiede.
Dit is een heel serieuze belediging naar God. Als we niet "af" mogen doen, dan mogen we zeker niet "toe" doen aan Zijn Woord. Dit is zo belangrijk voor God, dat Hij het in Deuteronomium nogmaal herhaalt.
Deutr. 12:32 Al dit woord, hetwelk ik ulieden gebiede, zult gij waarnemen om te doen; gij zult daar niet toedoen, en daarvan niet afdoen.
Toedoen en afdoen aan het Woord staat gelijk aan toedoen of afdoen van Christus zelf:
Joh 1:1 In den beginne was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God.
Om te laten zien hoe serieus het God is aangaande dit onderwerp, eindigt Gods Woord met een derde waarschuwing waar gedetailleerd aangegeven wordt wat de consequenties zijn voor toedoen aan of afdoen van Gods Woord, Christus:
Openb. 22:18 Want ik betuig aan een iegelijk, die de woorden der profetie dezes boeks hoort: Indien iemand tot deze dingen toedoet, God zal hem toedoen de plagen, die in dit boek geschreven zijn.
Openb. 22:19 En indien iemand afdoet van de woorden des boeks dezer profetie, God zal zijn deel afdoen uit het boek des levens, en uit de heilige stad, en uit hetgeen in dit boek geschreven is.
Men kan geen zelfstandig naamwoord, door de Heilige Geest geinspireert "op juiste wijze" als een tijdperk, en door toe te doen aan dit zelfstandig naamwoord er overtreffende betekenissen aan toe te kennen, zoals eeuwigheid, van eeuwigheid tot eeuwigheid, in alle eeuwigheden, etc etc
Laten we de volgende twee verschijningen van dit woord bekijken:
Mat 13:22 En die in de doornen bezaaid is, deze is degene, die het Woord hoort; en de zorgvuldigheid dezer wereld [Grieks - aion], en de verleiding des rijkdoms verstikt het Woord, en het wordt onvruchtbaar.
"de zorgvuldigheid dezer aion"? is "dezer aion" soms gescheiden van een ander "aion" ? Kunnen er meerdere eeuwigheden bestaan ? Het is totaal absurd als dit zelfstandige naamwoord onder welke omstandigheid dan ook vertaald wordt als "eindeloos" of "eeuwig". Aan de andere kant is het volkomen logisch als het begrepen wordt als de periode van tijd die wij doorbrengen in dit vat van klei, deze aardse tent, in dit "tegenwoordige boze tijdperk."
Gal 1:4 Die Zichzelven gegeven heeft voor onze zonden, opdat Hij ons trekken zou uit deze tegenwoordige boze wereld [aion - tijdperk], naar den wil van onzen God en Vader;
Mat 13:39 En de vijand, die hetzelve gezaaid heeft, is de duivel; en de oogst is de voleinding der wereld [aion - tijdperk]; en de maaiers zijn de engelen.
De voleinding van eeuwigheid (aion) ? Nogmaals, het is absurd. En weet u, er bestaat gewoon een Grieks grondtekst woord voor wereld, namelijk kosmos. Maar kosmos is niet het woord wat hier door Gods Heilige Geest geinspireert ,gebruikt wordt....aion is dat wel. Dit vers is volkomen logisch als we aion begrijpen als de periode van tijd waar het over gaat in dit vers. De "voleinding van het tijdperk" voor elk persoon die leeft gedurende de "toegewezen tijd" (2 Tim. 1:9 en Titus 1:2) in dit "verdorven in de hand van de Pottenbakker...vat van leem" (Jer. 18:4)
Ik zal nog een Schriftplaats toevoegen om de absurditeit te demonstreren van het pogen dit Griekse zelfstandige naamwoord iets anders te laten betekenen dan wat Gods Heilige Geest als "juiste wijze" geinspireert heeft in de geest van de schrijvers van het Nieuwe Testament. Zie hoe de dicipelen van Christus dit woord gebruiken wanneer ze de Heer vragen naar het "eind van dit tijdperk."
Mat 24:3 En als Hij op den Olijfberg gezeten was, gingen de discipelen tot Hem alleen, zeggende: Zeg ons, wanneer zullen deze dingen zijn, en welk zal het teken zijn van Uw toekomst, en van de voleinding der wereld? [aion] (Wereld is kosmos in het Grieks)
En ook hier weer, de voleinding van eeuwigheid ? Is dat wat de discipelen onze Heer vragen ?
U zou nu kunnen vragen: Wat is aionisch leven dan ? Ik hoop dat u duidelijk is door wat u hierboven gelezen hebt dat een "aion" een absoluut begin en een absoluut eind heeft. Ik hoop dat u kunt zien hoe het onmogelijk is voor een bijvoegelijk naamwoord om een grotere betekenis te hebben dan het zelfstandig naamwoord waar het vanaf geleid is, en ik herhaal:
Je moet het woord "uur" hebben om over iets wat "uurlijks" gebeurt te kunnen spreken, je moet "dag" hebben om over iets wat "dagelijks" gebeurt te kunnen spreken. Het zelfde geld voor "maand" naar "maandelijks" en "jaar" naar "jaarlijks" etc. etc. etc. U zult nooit, onder geen enkele omstandigheid het woord "dagelijks" gebruiken als u eens in elke honderd jaar bedoelt. Het gaat helemaal alle verstand te boven om het woord "dagelijks" te gebruiken als u "eeuwigheid" bedoelt. Met het Griekse woord "aion" en het bijvoegelijk naamwoord "aionios" gebeurt dat wel
Eindigt leven wanneer de "aionen" eindigen ?
Wat is aionisch leven ? Aionisch leven is leven wat verkregen wordt wanneer men geestelijk leven ontvangt in dit aion, in het tijdperk waarin wij nu leven. Het is geen leven wat zal eindigen wanneer de aionen vervolmaakt worden en hun doel vervuld hebben. Aionisch leven begint gedurende dit aionische tijdperk. Hier volgt wat de Schrift ons leert:
Rom 6:23 Want de bezoldiging der zonde is de dood, maar de genadegift Gods is het eeuwige [Grieks - aionios] leven, door Jezus Christus, onzen Heere.
Daar we hebben laten zien dat "aion" een periode van leven betekend, zeggen we daarom hier dat er niet zoiets is als nooit eindigend leven ? Nee, helemaal niet ! De Schrift leert dat degenen die opgewekt worden uit de dood onsterfelijkheid ontvangen.
Rom 2:7 Dengenen wel, die met volharding in goeddoen, heerlijkheid, en eer, en onverderfelijkheid [onsterfelijkheid] zoeken, het eeuwige [aionios] leven;
De defenitie van "onverderfelijkheid" of beter vertaald "onsterfelijkheid" is "dodeloosheid" "niet onderworpen aan de dood" God leert ons door Paulus dat de laatste vijand die vernietigd zal worden "de dood" is.
1Co 15:50 Doch dit zeg ik, broeders, dat vlees en bloed het Koninkrijk Gods niet beerven kunnen, en de verderfelijkheid beerft de onverderfelijkheid niet.
1Co 15:51 Ziet, ik zeg u een verborgenheid: wij zullen wel niet allen ontslapen, maar wij zullen allen veranderd worden;
1Co 15:52 In een punt des tijds, in een ogenblik, met de laatste bazuin; want de bazuin zal slaan, en de doden zullen onverderfelijk opgewekt worden, en wij zullen veranderd worden.
1Co 15:53 Want dit verderfelijke moet onverderfelijkheid aandoen, en dit sterfelijke moet onsterfelijkheid aandoen.
1Co 15:54 En wanneer dit verderfelijke zal onverderfelijkheid aangedaan hebben, en dit sterfelijke zal onsterfelijkheid aangedaan hebben, alsdan zal het woord geschieden, dat geschreven is: De dood is verslonden tot overwinning.
1Co 15:55 Dood, waar is uw prikkel? Hel [Grieks: Hades], waar is uw overwinning?
Hel waar is uw overwinning ? Even terzijde....Elke christen die ook maar een millimeter licht in zijn of haar ogen heeft ontvangen zou zichzelf deze vraag, deze door God ingegeven vraag, dagelijks moeten stellen, Hel waar is uw overwinning ? Hoe gaat u deze vraag beantwoorden als uw hele leven lang al geleerd is door de theologische reuzen door de eeuwen heen, door uw dominees, voorgangers, ouderlingen en diakenen, uw clubleiding, zondagschoolonderwijzers en onderwijzeressen dat iedereen die in dit leven het offer van Jezus Christus niet aanneemt naar een plaats genaamd "hel" gaat om daar voor eeuwig en eeuwig en eeuwig fysiek te branden in een letterlijk vuur van gekmakende pijn en marteling...tijdloos...nooit meer eindigend, niet voor 1 seconde.
Door de eeuwen heen zijn er miljarden en miljarden die nog nooit van Jezus Christus hebben gehoord. Die van Zijn bestaan niet eens afweten. Er zijn er miljarden en miljarden die wel eens van Christus hebben gehoord, maar die door God niet getrokken worden (Joh 6:44) om tot Christus te komen. Er zijn er nog eens miljarden en miljarden die wel van Christus gehoord hebben, die ook netjes naar de kerk gaan, maar die met opzet...ja inderdaad, met opzet blind gehouden worden. Geloof mij niet, lees Mattheüs 13:10-17 en lees het nog 10 keer en vraag uzelf dan nog eens af wat Christus daar precies zegt over de mensen die naar Hem komen luisteren.
Over wie spreekt Christus als hij zegt:
Luk 13:27 En Hij zal zeggen: Ik zeg u, Ik ken u niet, van waar gij zijt; wijkt van Mij af, alle gij werkers der ongerechtigheid!
Christus zegt dat tegen mensen die zeggen:
Luk 13:26 .... Wij hebben in Uw tegenwoordigheid gegeten en gedronken [wat gebeurt er tijdens de viering van het avondmaal?], en Gij hebt in onze straten [kerken] geleerd.
Mat 7:22 Velen zullen te dien dage tot Mij zeggen: Heere, Heere! hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam duivelen uitgeworpen, en in Uw Naam vele krachten gedaan?
Alleen christenen profeteren in de naam van Jezus, alleen christenen werpen duivelen uit in de naam van Jezus en alleen christenen doen vele krachten in de naam van Jezus...en wat zegt Jezus tot hen ? En het zijn er niet zomaar één of twee, nee, er staat velen [Grieks: polus / polos # Strongs G 4183 de meesten]. Christus zegt tot de meeste mensen die claimen Zijn naam te dragen hetvolgende:
Mat 7:23 En dan zal Ik (Christus) hun openlijk aanzeggen: Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij, gij, die de ongerechtigheid werkt!
Als u zich hiervan niet te pletter schrikt, dan heeft u geen enkel idee wat hier precies staat, dan gaat dit niet over u (denkt u) en dan hoort u volgens uzelf niet bij die hele hele grote groep die het net als de mensen uit Mattheüs 13: 10-17 niet gegeven is om de verborgenheden van het Koninkrijk der Hemelen te weten.
Als we dus gaan kijken waar volgens de kerkdoctrines (protestant of katholiek, en welke stroming ook) de overwinning van de "hel" is, dan bestaat die overwinning uit de mensen die nooit van Christus gehoord hebben, de mensen die wel van Hem gehoord hebben maar die door de Vader niet tot Hem getrokken zijn als ook uit de meeste christenen die in Zijn naam geprofeteerd hebben, die in Zijn naam duivelen uitgeworpen hebben en die in Zijn naam vele krachten gedaan hebben.
Zeg ik iets raars als ik stel dat dit volgens de kerkdoctrines dan bijna de gehele mensheid van alle tijden en plaatsen betreft ? Heeft Christus echt Zijn offer gebracht voor maar een heel klein gedeelte van alle schepselen ? Is dat wat God u in Zijn woord laat zien ?
Dood waar is uw prikkel ... hel [hades] waar is uw overwinning ? Volgens de leer van de kerk is de overwinning van dood en hel bijna totaal...dat is de god (kleine letter met opzet) die er door het christendom gediend wordt.
Terugkerend naar de vraag, onsterfelijkheid is iets wat ons aangedaan, aangetrokken word na de opstanding uit de dood.
1Co 15:53 Want dit verderfelijke moet onverderfelijkheid aandoen, en dit sterfelijke moet onsterfelijkheid aandoen.
Je doet niet "iets aan" wat je alreeds bent. Wij zijn verderfelijk en moeten dus onverderfelijkheid aandoen, we zijn sterfelijk, aan de dood onderworpen, we moeten dus onsterfelijkheid aandoen..dodeloosheid.
Voor weinig (in vergelijking met de hoeveelheid die geroepen is) uitverkorenen die volstandig, trouw blijven tot het eind ervaren hun "dood", hun "opstanding" en hun "oordeel" in de geest , terwijl ze nog "in het lichaam dezes doods" zijn.
Rom 6:1 Wat zullen wij dan zeggen? Zullen wij in de zonde blijven, opdat de genade te meerder worde?
Rom 6:2 Dat zij verre. Wij, die der zonde gestorven zijn, hoe zullen wij nog in dezelve leven?
Rom 6:3 Of weet gij niet, dat zovelen als wij in Christus Jezus gedoopt zijn, wij in Zijn dood gedoopt zijn?
Rom 6:4 Wij zijn dan met Hem begraven, door den doop in den dood, opdat, gelijkerwijs Christus uit de doden opgewekt is tot de heerlijkheid des Vaders, alzo ook wij in nieuwigheid des levens wandelen zouden.
Rom 7:24 Ik ellendig mens, wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods?
Matth 10:22 En gij zult van allen gehaat worden om Mijn Naam; maar die volstandig zal blijven tot het einde, die zal zalig worden.
Volstandig blijven tot het einde ? Het einde van wat ? Het einde van deze tegenwoordige boze wereld [aion] (Galaten 1:4)
Onderwijst de Schrift "Eens onder de genade, altijd onder de genade" ?
Absoluut niet ! Verlossing is niet iets wat we als "bereikt" kunnen beschouwen zonder moeite, zonder inspanning, zoals ons door de wat meer evangelische christenen voorgehouden wordt in de doctrine van het "10 seconden gebed". Er wordt ons zelfs zeer duidelijk verteld "werkt uws zelfs zaligheid met vreze en beven:"
Php 2:12 Alzo dan, mijn geliefden, gelijk gij te allen tijd gehoorzaam geweest zijt, niet als in mijn tegenwoordigheid alleen, maar veelmeer nu in mijn afwezen, werkt uws zelfs zaligheid met vreze en beven:
Vrees ? Vrees waarvoor ? We hebben onze zaligheid met vreze en beven te werken dat we niet vallen voor een doctrine die onderwijst dat we niet vallen kunnen:
1 Kor 9:27 Maar ik bedwing mijn lichaam, en breng het tot dienstbaarheid, opdat ik niet enigszins, daar ik anderen gepredikt heb, zelf verwerpelijk worde.
1 Kor 10:12 Zo dan, die meent te staan, zie toe, dat hij niet valle.
Fillip 3:12 Niet dat ik het alrede gekregen heb, of alrede volmaakt ben; maar ik jaag er naar, of ik het ook grijpen mocht, waartoe ik van Christus Jezus ook gegrepen ben.
Fillip 3:13 Broeders, ik acht niet, dat ik zelf het gegrepen heb.
Fillip 3:14 Maar een ding doe ik, vergetende, hetgeen achter is, en strekkende mij tot hetgeen voor is, jaag ik naar het wit, tot den prijs der roeping Gods, die van boven is in Christus Jezus.
Hier komt het ultime vers tegen de doctrine "eens onder de genade, altijd onder de genade"
Gal 5:4 Christus is u ijdel geworden, die door de wet gerechtvaardigd wilt worden; gij zijt van de genade vervallen.
Waarom "volstandig blijven tot het einde", "ziet toe dat je niet valt" "Niet dat ik het alrede gekregen heb, of alrede volmaakt ben, ik acht niet, dat ik zelf het gegrepen heb...ik... zelf verwerpelijk worde." "gij zijt van de genade vervallen" als "eens onder de genade, altijd onder de genade" een Bijbelse doctrine is ? Het antwoord is, dat het geen Bijbelse doctrine is. De waarheid is dat veel geroepen zijn en naar Christus komen, en Hem Here Here noemen, maar dat Hij "hen niet gekend heeft".
Mat 22:14 Want velen zijn geroepen [Grieks: kletos #Strongs G2822], maar weinigen uitverkoren [Grieks: eklektos #Strongs G1588].
Het Griekse woord voor uitverkoren, "eklektos" is een Grieks woord wat komt van twee andere Griekse woorden, 'Kletos en 'ek''. 'Ek' betekent "vanuit". Gods uitverkorenen worden geroepen "vanuit" de door God geroepen, vanuit Zijn "kletos", vandaar het woord 'eklektos'.
Mat 7:22 Velen zullen te dien dage tot Mij zeggen: Heere, Heere! hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam duivelen uitgeworpen, en in Uw Naam vele krachten gedaan?
Kent u nog andere groepen behalve christenen die doen wat er in Matth 7:22 staat ? En wat gebeurt er ?
Mat 7:23 En dan zal Ik hun openlijk aanzeggen: Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij, gij, die de ongerechtigheid werkt!
Wie zijn deze "veel geroepen"? Zijn dit mensen die wel eens naar de EO kijken en de naam van Christus horen, maar weigeren om naar de kerk te gaan, zoals de kerk onderwijst ? Is dat wie het zijn ? Nee, die zijn het niet. Het zijn "die....die in Hem geloven...die in Hem geroepen zijn, maar die Zijn woorden niet kunnen horen en die Hem zoeken te doden"
Joh 8:30 Als Hij deze dingen sprak, geloofden velen in Hem.
Joh 8:31 Jezus dan zeide tot de Joden, die in Hem geloofden: Indien gijlieden in Mijn woord blijft, zo zijt gij waarlijk Mijn discipelen;
Joh 8:32 En zult de waarheid verstaan, en de waarheid zal u vrijmaken.
Joh 8:33 Zij antwoordden Hem: Wij zijn Abrahams zaad, en hebben nooit iemand gediend; hoe zegt Gij dan: Gij zult vrij worden?
Joh 8:34 Jezus antwoordde hun: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Een iegelijk, die de zonde doet, is een dienstknecht der zonde.
Joh 8:35 En de dienstknecht blijft niet eeuwiglijk in het huis, de zoon blijft er eeuwiglijk.
Joh 8:36 Indien dan de Zoon u zal vrijgemaakt hebben, zo zult gij waarlijk vrij zijn.
Joh 8:37 Ik weet, dat gij Abrahams zaad zijt; maar gij (de Joden/christenen die in Hem geloven) zoekt Mij te doden; want Mijn woord heeft in u geen plaats.
Tot we zien en begrijpen dat de gevestigde kerk in de dagen van Christus de gevestigde kerk van vandaag is en dat de geest van deze joden die in Hem geloofde maar Hem zochten te doden nog net zo levend is binnenin ons allen als het toen was, en dat dit tot op de huidige dag de geest is die er in de moderne farizeërs leeft, als we dit niet zien en begrijpen zullen we ook niet begrijpen wie de "velen" zijn die "Here, Here" tegen Hem zeggen, maar die van Christus als antwoord krijgen "Ik heb u niet gekend"
Joh 8:30 Als Hij (Christus) deze dingen sprak, geloofden velen in Hem.
Mat 7:21 Niet een iegelijk, die tot Mij zegt: Heere, Heere! zal ingaan in het Koninkrijk der hemelen, maar die daar doet den wil Mijns Vaders, Die in de hemelen is.
Mat 7:22 Velen (die in Hem geloven) zullen te dien dage tot Mij zeggen: Heere, Heere! hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam duivelen uitgeworpen, en in Uw Naam vele krachten gedaan?
Er is niets verandert. "Velen" christenen geloven in Hem, en zoeken nog steeds Hem te doden omdat Zijn woord geen plaats in hen heeft. "Heb uw vijanden lief" is vandaag de dag nog minder acceptabel als de dag dat Christus deze woorden sprak tegen "de Joden (christenen), die in Hem geloofden." Waarom zegt Christus dat Zijn woorden "geen plaats hebben" in de Joden (christenen) die in Hem geloofden ?
Joh 8:43 Waarom kent gij Mijn spraak niet? Het is, omdat gij Mijn woord niet kunt horen.
Joh 8:44 Gij zijt uit uw vader den duivel, en wilt de begeerten uws vaders doen; die was een mensenmoorder van den beginne, en is in de waarheid niet staande gebleven; want geen waarheid is in hem. Wanneer hij de leugen spreekt, zo spreekt hij uit zijn eigen; want hij is een leugenaar, en de vader derzelve leugen.
Bedenk goed dat Christus dit zegt tegen al die "Joden (christenen) die in Hem geloofde" Waarom is het dat de menigte die naar Christus komen Zijn spraak niet begrijpen ? Christus verteld ons meer dan ééns waarom, Hij verteld het ons meteen: "omdat gij Mijn woord niet kunt horen" Waarom kan de menigte die naar Christus komen, en in Hem geloven Zijn woord niet horen ? Het antwoord is, omdat Hij tot hen (en ook tot ons) in gelijkenissen spreekt die hen tot op de dag van vandaag blind houdt voor "de verborgenheden van het Koninkrijk der hemelen" omdat het " dien niet gegeven is"
Mat 13:1 En te dien dage Jezus, uit het huis gegaan zijnde, zat bij de zee.
Mat 13:2 En tot Hem vergaderden vele scharen, zodat Hij in een schip ging en nederzat, en al de schare stond op den oever.
Mat 13:3 En Hij sprak tot hen vele dingen door gelijkenissen, zeggende: Ziet, een zaaier ging uit om te zaaien.
Mat 13:10 En de discipelen tot Hem komende, zeiden tot Hem: Waarom spreekt Gij tot hen door gelijkenissen?
Elke dominee en zondagschoolonderwijzer uit de christelijke wereld onderwijst dat Christus gekomen is om ons allemaal (niet dat dit Hem volgens deze "leraren" gaat lukken overigens) te redden, en dat Hij daarom tot de menigte die kwamen luisteren naar Zijn onderwijs in gelijkenissen sprak zodat "Zijn boodschap beter te begrijpen" was en is. Is dat niet wat er ons geleerd wordt door het grote Babylon ? Dat is precies wat Babylon universeel onderwijst. Maar laten we deze doctrine van mensen, een doctrine die in de gehele christelijke wereld onderwezen wordt is afzetten tegen het antwoord wat Christus aan Zijn discipelen gaf en geeft toen de discipelen vroegen:
Waarom spreekt Gij tot hen door gelijkenissen?
Mat 13:11 En Hij (Christus), antwoordende, zeide tot hen: Omdat het u gegeven is, de verborgenheden van het Koninkrijk der hemelen te weten, maar dien (de menigte die naar Hem kwamen luisteren) is het niet gegeven.
Mat 13:12 Want wie heeft, dien zal gegeven worden, en hij zal overvloediglijk hebben; maar wie niet heeft, van dien zal genomen worden, ook dat hij heeft.
Mat 13:13 Daarom spreek Ik tot hen door gelijkenissen, omdat zij (de menigte die naar Hem kwamen luisteren) ziende niet zien, en horende niet horen, noch ook verstaan.
Daarom spreek Ik (Christus) tot hen door gelijkenissen....omdat het hen niet gegeven is de verborgenheden van het Koninkrijk der hemelen te weten...omdat zij ziende niet zien, en horende niet horen, noch ook verstaan....die Joden (christenen) die in Hem geloofden.
Is er nog een ander vers welke wat licht kan werpen in de schijnbaar hopeloze staat waarin de menigte die naar de gelijkenissen van Christus kwamen luisteren zichzelf vinden ?
Misschien dit vers ?
Rom 11:8 (Gelijk geschreven is: God heeft hun gegeven een geest des diepen slaaps; ogen om niet te zien, en oren om niet te horen) tot op den huidigen dag.
Of misschien dit vers?
Rom 9:16 Zo is het dan niet desgenen, die wil, noch desgenen, die loopt, maar des ontfermenden Gods.
Rom 9:17 Want de Schrift zegt tot Farao: Tot ditzelve heb Ik u verwekt, opdat Ik in u Mijn kracht bewijzen zou, en opdat Mijn Naam verkondigd worde op de ganse aarde.
Rom 9:18 Zo ontfermt Hij Zich dan, diens Hij wil, en verhardt, dien Hij wil.
"Zo is het dan niet desgenen, die wil" ? Welke dominee uit de christelijke wereld gelooft dit deel van Gods woord ?
Of dit deel, zo schandalig vertaald in de statenvertaling: (Ga maar naar elke willekeurige onpartijdige persoon die het Grieks uit de grondtekst kan lezen en vraag of wat hier onder geschreven staat de juiste vertaling is van Romeinen 8:20)
Statenvertaling:
Rom 8:20 Want het schepsel is der ijdelheid onderworpen, niet gewillig, maar om diens wil, die het der ijdelheid onderworpen heeft;
JUISTE vertaling:
Rom 8:20 Want het schepsel is der ijdelheid onderworpen, niet gewillig, maar om diens wil, die het onderworpen heeft in hoop;
We zijn "der ijdelheid onderworpen", niet omdat we door de illusie van "onveroorzaakte vrije wil" besloten hebben aan ijdelheid onderworpen te zijn, maar "om Diens (Gods) wil" die ons in hoop aan de ijdelheid onderworpen heeft. Dat is wat er onderwezen word in het Woord van God, van Genesis 1 tot en met Openbaringen 22:21. Waar is je ooit een keus gegeven of je "in Adam" wilde zijn ? God ontfermt Zich, diens Hij wil, en verhardt, dien Hij wil. Dat klinkt bijna als pre-destinatie. Zou pre-destinatie een Schriftuurlijke doctrine zijn ?
Efe 1:11 In Hem, in Welken wij ook een erfdeel geworden zijn, wij, die te voren verordineerd waren naar het voornemen Desgenen, Die alle dingen werkt naar den raad van Zijn wil;
[Lees ook "naar de raad van Zijn wil" op deze website]
Wanneer is dit allemaal besloten ? Op welk punt werd besloten dat de menigte die tot Christus geroepen zijn in dit tijdstip verhardt zouden worden terwijl er een kleine groep uitverkorenen die uit die menigte die in Hem geloven maar "zijn woorden niet kunnen ontvangen" gekozen zijn en waarover Hij zich ontfermt ? Beantwoord de Schrift deze vraag ? Wanneer zijn deze beslissingen genomen ?
2Ti 1:9 Die ons heeft zalig gemaakt, en geroepen met een heilige roeping; niet naar onze werken, maar naar Zijn eigen voornemen en genade, die ons gegeven is in Christus Jezus, voor de tijden der eeuwen; [Grieks: pro chronos aionios - voor de tijd van de tijdperken]
"niet naar onze werken", niet verbonden met ook maar iets wat wij wel of niet doen, maar naar Zijn eigen voornemen en genade, die ons gegeven is in Christus Jezus, voor de tijden der eeuwen; [Grieks: pro chronos aionios - voor de tijd van de tijdperken]
Tit 1:2 In de hoop des eeuwigen [aionios] levens, welke God, Die niet liegen kan, beloofd heeft, voor de tijden der eeuwen [Grieks: pro chronos aionios - voor de tijd van de tijdperken] , maar geopenbaard heeft te Zijner tijd;
Wat is nu aionisch leven ? Aionisch leven is de gift die Christus geeft aan de voorordineerde overwinnaars die gebruikt gaan worden om de rest van de mensheid binnen te brengen.
1Co 15:22 Want gelijk zij allen in Adam sterven, alzo zullen zij ook in Christus allen levend gemaakt worden.
Inderdaad, "allen in Adam" zal onsterfelijkheid gegeven worden. Maar aionisch leven zal niet aan de menigte gegeven worden. Er is een "orde" om dit doel van het redden van allen die in Adam zijn te bereiken, en het is alles Zijn werk in ons, ondanks dat ons geleerd wordt "werk uws zelfs zaligheid uit met vrezen en beven"
1Co 15:21 Want dewijl de dood door een mens is, zo is ook de opstanding der doden door een Mens.
1Co 15:22 Want gelijk zij allen in Adam sterven, alzo zullen zij ook in Christus allen levend gemaakt worden.
1Co 15:23 Maar een iegelijk in zijn orde: de eersteling Christus, daarna die van Christus zijn, in Zijn toekomst.
1Co 15:24 Daarna zal het einde (de Concordant literal version vertaald hier "vervolmaking") zijn, wanneer Hij het Koninkrijk aan God en den Vader zal overgegeven hebben; wanneer Hij zal te niet gedaan hebben alle heerschappij, en alle macht en kracht.
Wij dragen helemaal niets bij. "Alle dingen zijn naar de raad VAN ZIJN WIL..." Het is niet uit hem die wil of rent, maar het is alleen uit Hem die ofwel verhard, ofwel barmhartig is (Rom 9: 16-18)
Want gelijk zij allen in Adam sterven, alzo zullen zij ook in Christus allen levend gemaakt worden. Ieder in Zijn orde: de eersteling Christus, daarna die van Christus zijn, in Zijn toekomst. Christus komt niet tot allen in dit tijdperk. God heeft de meeste die tot Christus komen "ogen gegeven die niet zien en oren die niet horen...tot op de huidige dag." Hier gaat het over allen die in Adam zijn en die verlost worden op "het einde". Er word ons dan ook duidelijk onderwezen:
1Co 15:24 Daarna zal het einde (de Concordant literal version vertaald hier "vervolmaking") zijn, wanneer Hij het Koninkrijk aan God en den Vader zal overgegeven hebben; wanneer Hij zal te niet gedaan hebben alle heerschappij, en alle macht en kracht.
1Co 15:25 Want Hij moet als Koning heersen, totdat Hij al de vijanden onder Zijn voeten zal gelegd hebben.
1Co 15:26 De laatste vijand, die te niet gedaan wordt, is de dood.
De menigte van het christendom word geen onsterfelijkheid gegeven tot "het einde"; totdat de dood tenietgedaan (vernietigd) is. Het is de vernietiging van de dood die onsterfelijkheid geeft aan de menigte die naar Christus komen maar die niet uitverkoren zijn, en die niet met Hem zullen regeren gedurende het millenium of in "de poel van vuur". De "poel van vuur" is een periode van tijd; het is nog steed "chronos aionios" ofwel "een tijdperk van tijd", en het is in de poel van vuur dat de dood vernietigd wordt en waar de tijdperken tot hun vervolmaking worden gebracht door aionische straf voor degenen die niet in de heilige en zalige eerste opstanding zijn. Totdat de dood is vernietigd "alle heerschappij en alle macht en kracht...en alle vijanden (zijn dan nog niet) onder zijn voeten gelegd. "Het einde" is de laatste vijand, "de vernietiging van dood". En dood is niet vernietigd zolang er nog maar één ziel is die nog geen onsterfelijkheid heeft ontvangen. "allen in Adam" zullen "levend gemaakt worden" met onsterfelijkheid bij de vervolmaking van de tijdperken.
Rom 6:23 Want de bezoldiging der zonde is de dood (voor allen in Adam), maar de genadegift Gods is het eeuwige (aionische) leven (voor degenen in de heilige en zalige eerste opstanding), door Jezus Christus, onzen Heere.
1 Kor 15:22 Want gelijk zij allen in Adam sterven, alzo zullen zij ook in Christus allen levend gemaakt worden.
1 Kor 15:54 En wanneer dit verderfelijke zal onverderfelijkheid aangedaan hebben, en dit sterfelijke zal onsterfelijkheid aangedaan hebben, alsdan zal het woord geschieden, dat geschreven is: De dood is verslonden tot overwinning.
1 Kor 15:55 Dood, waar is uw prikkel? Hel, waar is uw overwinning?
Openb 20:14 En de dood en de hel werden geworpen in den poel des vuurs; dit is de tweede dood.
De tweede dood is tweede op dezelfde manier zoals de tweede opstanding de tweede opstanding is. Het is niet tweede omdat iemand twee keer opgewekt wordt, het is alleen tweede omdat anderen als eerste opgewekt worden.
Rom 6:13 En stelt uwe leden niet der zonde tot wapenen der ongerechtigheid; maar stelt uzelven Gode, als uit de doden levende geworden zijnde, en stelt uw leden Gode tot wapenen der gerechtigheid.
Zo is ook de tweede dood. Het word niet de tweede dood genoemd omdat degenen die in deze dood zijn voor de tweede keer sterven. Het is de tweede dood omdat degenen die in deze dood zijn de tweede groep is die eindelijk sterven aan hun natuurlijke en vleselijke geestgesteldheid. In de poel van vuur gegooid worden is de tweede dood.
Openb 20:14 En de dood en de hel (hades) werden geworpen in den poel des vuurs; dit is de tweede dood.
Uit wie bestaat die eerste groep die "met Hem begraven zijn, door den doop in den dood" ? Wie zijn het die deze eerste g groep vormen die " ... met Hem gekruisigd is, opdat het lichaam der zonde te niet gedaan worde" ?
Rom 6:4 Wij zijn dan met Hem begraven, door den doop in den dood, opdat, gelijkerwijs Christus uit de doden opgewekt is tot de heerlijkheid des Vaders, alzo ook wij in nieuwigheid des levens wandelen zouden.
Rom 6:5 Want indien wij met Hem een plant geworden zijn in de gelijkmaking Zijns doods, zo zullen wij het ook zijn in de gelijkmaking Zijner opstanding;
Rom 6:6 Dit wetende, dat onze oude mens met Hem gekruisigd is, opdat het lichaam der zonde te niet gedaan worde, opdat wij niet meer de zonde dienen.
Met Hem gekruisigd worden, opdat wij niet meer de zonde dienen, is uiteindelijke bestemming van de gehele mensheid. Het word bereikt in twee stadia. Gods "weinig uitverkoren" sterven nu (geestelijk) dagelijks. De vurige witte troon is voor hen alreeds hier. Hun dag van oordeel is nu, hier in dit leven.
1Kor 15:31 Ik sterf alle dagen, hetwelk ik betuig bij onzen roem, dien ik heb in Christus Jezus, onzen Heere.
1Pe 4:12 Geliefden, houdt u niet vreemd over de hitte der verdrukking onder u, die u geschiedt tot verzoeking, alsof u iets vreemds overkwame;
1Pe 4:17 Want het is de tijd, dat het oordeel beginne van het huis Gods; en indien het eerst van ons begint, welk zal het einde zijn dergenen, die het Evangelie van God ongehoorzaam zijn?
Om vast te stellen wie er in de tweede dood zijn, moeten we te weten komen wie "de poel van vuur" is. Wie zijn het die bedoelt worden met "de grote witte troon" die al de doden die in de dood en in de "hel" (hades) zijn, gaan oordelen ? Waarom wordt het een "poel" genoemd, in plaats van een zee of een eindeloze oceaan ? Hierom wordt het een "poel" genoemd"
Jes 33:14 De zondaren te Sion zijn verschrikt; beving heeft de huichelaren aangegrepen; zij zeggen: Wie is er onder ons, die bij een verterend vuur wonen kan? Wie is er onder ons, die bij een eeuwigen gloed wonen kan?
Waar zijn de "zondaren" waar het in dit vers over gaat ? Zij zijn "in Sion". Zij zijn "onder ons". Zij zijn "de menigte....die in Hem geloven...maar die zoeken Hem te doden...want zij kunnen zijn Woord niet horen...tot op de huidige dag."
De vraag die gesteld wordt in dit vers luidt: "Wie is er onder ons, die bij een verterend vuur wonen kan? Wie is er onder ons, die bij een eeuwigen gloed wonen kan?" Wanneer we antwoord hebben op deze vraag, hebben we ook ons antwoord wie het zijn die in de "poel van vuur" geworpen zullen worden.
Dit is een legitieme vraag. "Wie is er onder ons, die bij een verterend vuur wonen kan? Wie is er onder ons, die bij een eeuwigen [Hebr. - olam - tijdperk] gloed wonen kan?
Er is ons net verteld: "De zondaren te Sion zijn verschrikt; beving heeft de huichelaren aangegrepen; .... onder ons...." Volgens de doctrine van het christendom zijn het de zondaren en hypocryten onder ons in Sion die kunnen wonen bij een verterend vuur en een eeuwigen [olam] gloed wonen, maar is dat wat de Heilige Schrift leert ? Zeer zeker niet. Wat de Heilige Schrift ons wel onderwijst is dat onze God een verterend vuur is, en dat wij zullen zijn als Hem
Heb 12:29 Want onze God is een verterend vuur.
1Joh 3:2 Geliefden, nu zijn wij kinderen Gods, en het is nog niet geopenbaard, wat wij zijn zullen. Maar wij weten, dat als Hij zal geopenbaard zijn, wij Hem zullen gelijk wezen; want wij zullen Hem zien, gelijk Hij is.
"Onze God is een verterend vuur...en het is nog niet geopenbaard, wat wij zijn zullen. Maar wij weten, dat als Hij zal geopenbaard zijn, wij Hem zullen gelijk wezen;..."
Laten we teruggaan naar de vraag van Jesaja: "Wie is er onder ons, die bij een verterend vuur wonen kan? Wie is er onder ons, die bij een eeuwigen [Hebr. - olam - tijdperk] gloed wonen kan?
Wijst het antwoord van Jesaja ook maar enigzins naar wat er gedacht wordt in de kerken van het grote Babylon, de moeder der hoererijen en der gruwelen der aarde (Openb 17:5). Zijn het de zondaren in Sion, zijn het de hypocryten onder ons die zullen wonen in het tijdelijke verterende vuur ? Jesaja beantwoord zijn eigen vraag:
Jes 33:15 Die in gerechtigheden wandelt, en die billijkheden spreekt; die het gewin der onderdrukkingen verwerpt; die zijn handen uitschudt, dat zij geen geschenken behouden; die zijn oor stopt, dat hij geen bloedschulden hore, en zijn ogen toesluit; dat hij het kwade niet aanzie;
Daar heeft u het. Dit is wie er wonen kunnen bij een verterend vuur en de eeuwige [tijdelijke] gloed. Het zijn Gods uitverkorenen die het instrument vormen waarmee God de vernietiging van dood en hel [hades] tot stand zal brengen.
Openb 20:11 En ik zag een groten witten troon, en Dengene, Die daarop zat, van Wiens aangezicht de aarde en de hemel wegvloden, en geen plaats is voor die gevonden.
Openb 20:12 En ik zag de doden, klein en groot, staande voor God; en de boeken werden geopend; en een ander boek werd geopend, dat des levens is; en de doden werden geoordeeld uit hetgeen in de boeken geschreven was, naar hun werken.
Openb 20:13 En de zee gaf de doden, die in haar waren; en de dood en de hel [hades - dodenrijk - onwaarneembare] gaven de doden, die in hen waren; en zij werden geoordeeld, een iegelijk naar hun werken.
Openb 20:14 En de dood en de hel werden geworpen in den poel des vuurs; dit is de tweede dood.
Openb 20:15 En zo iemand niet gevonden werd geschreven in het boek des levens, die werd geworpen in den poel des vuurs.
Het is geen hopeloze en wrede "zwarte troon". Het is een glorieuze "grote witte troon" waar de gehele mensheid die niet in de "heilige en zalige eerste opstanding" zijn geoordeelt gaan worden "uit hetgeen in de boeken geschreven was, naar hun werken. " Dat is de functie van deze "grote witte troon...poel van vuur...tweede dood" Het vuur van Gods Woord verbrand niemand fysiek. Wat het "vuur" in de Heilige Schrift doet is snoeien, zuiveren, geselen, louteren en uitbranden van alle zonden in de levens van al Gods schepselen in Adam. De "grote witte troon" waarop Christus zit zijn de harten en geestesgesteldheid van de uitverkorenen waar Hij in woont.
Joh 14:18 Ik zal u geen wezen laten; Ik kom weder tot u.
1 Kor 3:15 Zo iemands werk zal verbrand worden, die zal schade lijden; maar zelf zal hij behouden worden, doch alzo als door vuur.
1 Kor 3:16 Weet gij niet, dat gij Gods tempel zijt, en de Geest Gods in ulieden woont?
De troon van Christus is in de harten en geesten van Zijn volk. Dat zijn "de hemelse dingen zelve" (Hebr 9:23) die gereinigd zijn met betere offeranden dan het blood van kalveren en bokken. De "grote witte troon" zijn de gezegende en heilige weinigen die in de eerste opstanding zijn.
Openb 20:6 Zalig en heilig is hij, die deel heeft in de eerste opstanding; over deze heeft de tweede dood geen macht, maar zij zullen priesters van God en Christus zijn, en zij zullen met Hem als koningen heersen duizend jaren.
Dit zijn degenen die de allergrootste zegening die er aan een mens geschonken kan worden is gegeven. "zij zullen priesters van God en Christus zijn, en zij zullen met Hem als koningen heersen duizend jaren."
Dit zijn degenen die over de wereld heersen zullen
1 Kor 6:2 Weet gij niet, dat de heiligen de wereld oordelen zullen? En indien door u de wereld geoordeeld wordt, zijt gij onwaardig de minste gerechtzaken?
En dit is nog maar het begin van de eer die deze heilige en zalige weinigen priesters van God en Christus geschonken is. Wat gaan ze doen na het met Hem regeren op aarde ?
1 Kor 6:3 Weet gij niet, dat wij de engelen oordelen zullen? Hoeveel te meer de zaken, die dit leven aangaan?
Gods uitverkorenen zijn bereidt, klaargestoomd, voor de duivel en zijn engelen (Matth 25:41) net zoals Jozef bereid, klaargestoomd werd voor zijn eigen broers. Het is door het ongeloof van je eigen broeders en zusters in Christus dat ons uitverkoren maakt en het zal door de tuchtigende genade van God, door Zijn uitverkorenen toegepast als een "poel van vuur" zijn, dat al onze ongelovige broeders en zusters (de gehele mensheid) tot de onweerstaanbare genade en liefde van een Goddelijke Vader gebracht zullen worden.
Rom 11:30 Want gelijkerwijs ook gijlieden (uitverkorenen) eertijds Gode ongehoorzaam geweest zijt, maar nu barmhartigheid verkregen hebt door dezer (ongelovigen) ongehoorzaamheid;
Rom 11:31 Alzo zijn ook dezen (ongelovigen) nu ongehoorzaam geweest, opdat ook zij (ongelovigen) door uw (uitverkorenen) barmhartigheid zouden barmhartigheid verkrijgen.
Rom 11:32 Want God heeft hen allen (uitverkorenen en ongelovigen) onder de ongehoorzaamheid besloten, opdat Hij hun allen (uitverkorenen en ongelovigen) zou barmhartig zijn.
Degenen die weten hoe het Woord van God "recht te snijden" (U kunt deze studie elders op de website vinden) weten dat het vuur in Gods Woord Gods rechtvaardige Woord is:
Deutr 33:2 Hij zeide dan: De HEERE is van Sinai gekomen, en is hunlieden opgegaan van Seir; Hij is blinkende verschenen van het gebergte Paran, en is aangekomen met tien duizenden der heiligen; tot (van) Zijn rechterhand was een vurige wet aan hen.
Wat heeft God in Zijn "rechter hand" ? Zijn "rechterhand" zijn Zijn "heiligen" Zijn uitverkoren heiligen zijn de zeven engelen van de zeven gemeenten.
Openb 1:20 De verborgenheid der zeven sterren, die gij gezien hebt in Mijn rechter hand, en de zeven gouden kandelaren. De zeven sterren zijn de engelen der zeven Gemeenten; en de zeven kandelaren, die gij gezien hebt, zijn de zeven Gemeenten.
Wie zijn de "zeven engelen" uit dit boek ?
Openb 17:1 En een uit de zeven engelen, die de zeven fiolen hadden, kwam en sprak met mij, en zeide tot mij: Kom herwaarts, ik zal u tonen het oordeel der grote hoer, die daar zit op vele wateren;
Openb 19:10 En ik viel neder voor zijn voeten, om hem te aanbidden, en hij zeide tot mij: Zie, dat gij dat niet doet; ik ben uw mededienstknecht, en uwer broederen, die de getuigenis van Jezus hebben; aanbid God. Want de getuigenis van Jezus is de geest der profetie.
En mochten we het punt nog missen over wie deze engelen zijn, het wordt allemaal een paar hoofdstukken verder nog eens herhaald.
Openb 22:8 En ik, Johannes, ben degene, die deze dingen gezien en gehoord heb. En toen ik ze gehoord en gezien had, viel ik neder om aan te bidden voor de voeten des engels, die mij deze dingen toonde.
Openb 22:9 En hij zeide tot mij: Zie, dat gij het niet doet; want ik ben uw mededienstknecht, en uwer broederen, der profeten, en dergenen, die de woorden dezes boeks bewaren; aanbid God.
Openb 22:10 En hij zeide tot mij: Verzegel de woorden der profetie dezes boeks niet; want de tijd is nabij.
Deze zeven engelen voor de zeven gemeenten zijn "onze mededienstknecht, en onze broederen de profeten, en degenen die de woorden van dit boek bewaren." Dat is wie deze zeven engelen zijn. Dat is wat ze ons vertellen dat ze zijn. En het is door deze, onze "mededienstknechten - die de woorden van dit boek bewaren" dat God alle hout, hooi en stoppelen uit de levens van al Jozefs broers, alle afgewezen zaad van Abraham, die degenen verachtten die verordineert zijn om hen te regeren uit zal branden.
1 Kor 3:13 Eens iegelijks werk zal openbaar worden; want de dag zal het verklaren, dewijl het door vuur ontdekt wordt; en hoedanig eens iegelijks werk is, zal het vuur beproeven.
1 Kor 3:14 Zo iemands werk blijft, dat hij daarop gebouwd heeft, die zal loon ontvangen.
1 Kor 3:15 Zo iemands werk zal verbrand worden, die zal schade lijden; maar zelf zal hij behouden worden, doch alzo als door vuur. (de poel van vuur, degenen die zullen zijn als Hem)
Het zal vuur zijn wat zal veroorzaken dat er schade geleden wordt bij de meesten. Maar het zal datzelfde vuur zijn wat, op het einde, erop toeziet dat "hij zelf zal behouden worden ..als door vuur"
Deze zware ondervinding, deze moeilijke ervaring wordt ons duidelijk gemaakt door het verhaal waar Jozef door zijn eigen broers gehaat wordt, net zoals diegenen die de woorden van Christus onderwijzen in plaats van de doctrines van de kerk gehaat worden door degenen die claimen Abrahams zaad te zijn, maar die "mijn (Christus) woorden niet kunnen horen". Jozef typifyceert Christus en allen die in Hem zijn. Jozefs broers typificeren de menigte van christenen die verklaren in Christus te geloven, maar die degenen die er op staan in Christus woorden te leven het liefst stenigen. Jozefs broers hebben ervaren om gepijnigd te worden in de aanwezigheid van het Lam
Openb. 14:10 Die zal ook drinken uit den wijn des toorn Gods, die ongemengd ingeschonken is, in den drinkbeker Zijns toorns; en hij zal gepijnigd worden met vuur en sulfer voor de heilige engelen en voor het Lam.
De Schrift leert ons dat dit gedaan is aan Jozefs broers, en dit zal ook aan een ieder van ons gedaan worden op de voor ons aangewezen tijd. Voor de meeste mensen zal deze aangewezen tijd in een klein lichaam, genaamd "poel van vuur" zijn zoals hier getypificeert wordt door Jozefs tien broers:
Gen 42:20 En brengt uw kleinsten broeder tot mij, zo zullen uw woorden waargemaakt worden; en gij zult niet sterven. En zij deden alzo.
Gen 42:21 Toen zeiden zij de een tot den ander: Voorwaar, wij zijn schuldig aan onzen broeder, wiens benauwdheid der ziele wij zagen, toen hij ons om genade bad; maar wij hoorden niet! daarom komt deze benauwdheid over ons.
Gen 42:22 En Ruben antwoordde hun, zeggende: Heb ik het tot u niet gezegd, toen ik zeide: Zondigt niet aan dezen jongeling! maar gij hoordet niet; en ook zijn bloed, ziet, het wordt gezocht!
Gen 42:23 En zij wisten niet, dat het Jozef hoorde; want daar was een taalman (tolk) tussen hen.
Gen 42:24 Toen wendde hij zich om, van hen af, en weende; daarna keerde hij weder tot hen, en sprak tot hen, en nam Simeon van hen, en bond hem voor hun ogen.
"En zij wisten niet, dat het Jozef hoorde; want daar was een taalman (tolk) tussen hen." Jozefs broeders worden hier gegeselt door hun eigen geweten in de getypificeerde "aanwezigheid van het Lam" wanneer ze gaan beseffen dat het hun eigen valse doctrines zijn die hen op dit punt van pijniging gebracht heeft.
Net als Jozef worden Gods uitverkorenen niet verlost om over fysieke straten van fysiek goud te wandelen. Het behoeft herhaling; Dit is waarom God Jozef verlost heeft en dit is het ook waarom God Zijn uitverkorenen in dit leven, door de eeuwen heen verlost:
Rom 11:30 Want gelijkerwijs ook gijlieden eertijds Gode ongehoorzaam geweest zijt, maar nu barmhartigheid verkregen hebt door dezer ongehoorzaamheid;
Rom 11:31 Alzo zijn ook dezen nu ongehoorzaam geweest, opdat ook zij door uw barmhartigheid zouden barmhartigheid verkrijgen.
Het is ontnuchterend wanneer je dit begrijpt, je word er een heel klein mensje van. Het gaat over de ruggen van Gods eigen verworpen volk dat Hij zijn uitverkorenen roept. Het is ten koste van zijn broeders dat Jozef de dromen aangaande zijn heerschappij werd gegeven. Het waren niet de schoven van de Canaanieten (heidenen) die bogen voor Jozefs schoof, het waren de schoven van zijn eigen broeders (christenen). Maar waarom heeft God uitverkorenen nodig ? Worden Gods uitverkorenen verlost voor alleen hun eigen welzijn ? Absoluut niet ! Gods uitverkorenen geloven door de ongehoorzaamheid van hun broeders, zodat door de barmhartigheid van Zijn uitverkorenen alle ongelovigen, alle ongehoorzamen, barmhartigheid verkrijgen.
"Zij zelf zullen gered worden .. doch alzo als door vuur .. door hen die kunnen wonen bij een verterend vuur .. de rechtvaardigen .. die zijn als Hem" Paulus vervolgt:
Rom 11:32 Want God heeft hen allen onder de ongehoorzaamheid besloten, opdat Hij hun allen zou barmhartig zijn. (door de barmhartigheid van Zijn uitverkorenen)
Degenen die de Geest van God kennen weten dat, terwijl Jozef zijn broers wel "aansprakelijk" hield voor hun kwade daden, en hen zelfs geselde voor een tijdje, Jozef wist dat de kwade werken van zijn broeders niet feitelijk hun werken waren, netzomin als onze goede werken en daden niet van ons zijn. In Jozefs eigen woorden:
Gen 45:5 Maar nu, weest niet bekommerd, en de toorn ontsteke niet in uw ogen, omdat gij mij hierheen verkocht hebt; want God heeft mij voor uw aangezicht gezonden, tot behoudenis des levens.
Gen 45:6 Want het zijn nu twee jaren des hongers in het midden des lands; en er zijn nog vijf jaren, in welke geen ploeging noch oogst zijn zal.
Gen 45:7 Doch God heeft mij voor uw aangezicht henen gezonden, om u een overblijfsel te stellen op de aarde, en om u bij het leven te behouden, door een grote verlossing. (Typificering van het behoud van de gehele mensheid door Gods grootste werk van genade, "de poel van vuur")
Gen 45:8 Nu dan, gij hebt mij herwaarts niet gezonden, maar God Zelf, Die mij tot Farao's vader gesteld heeft, en tot een heer over zijn ganse huis, en regeerder in het ganse land van Egypte.
Wat is de waarheid ?
De waarheid is "gij hebt mij herwaarts niet gezonden, maar God Zelf" Zie deze woorden van God. Dit is de Geest van Christus. Ontkent Jozef dat zijn broeders besloten hebben om hem als slaaf naar Egypte te verkopen ? Nee, dat doet hij niet. Hij houd zijn broeders aansprakelijk, als zijnde rentmeesterschap, voor hun kwade daden: "Gij (broeders) hebt mij hierheen verkocht" Jozef zegt niet "Gij hebt mij niet hierheen verkocht" Hij zegt "Gij hebt mij hierheen verkocht". Maar wie wordt er hier als verantwoordelijke aangeduid voor de kwade daden van zijn boosaardige broeders ? Verteld Jozef...verteld God ons ook maar ergens in Zijn Woord dat wij verantwoordelijk zijn voor onze eigen werken ? Nee, nergens in Gods Woord aan de mensheid vinden we het woord 'verantwoordelijk'. Type het woord maar in bij E-Sword, of enige andere bijbelsoftware. Het is niet éénmaal in Gods woord om de eenvoudige reden dat God de mensheid niet verantwoordelijk houd voor ook maar iets. Dit is een feit waar de reuzen van de moderne theologie een afgrijzen van hebben, maar het is een feit. In plaats van wat er ons door de theologen voorgehouden wordt, word ons in Gods Woord onderwezen, van Genesis tot Openbaringen, of het nou over goede of kwade daden gaat:
Gen 45:8 Nu dan, gij hebt mij herwaarts niet gezonden, maar God Zelf, Die mij tot Farao's vader gesteld heeft, en tot een heer over zijn ganse huis, en regeerder in het ganse land van Egypte.
Spr 20:24 De treden des mans (goed of slecht) zijn van den HEERE; hoe zou dan een mens zijn weg verstaan?
Spr 16:4 De HEERE heeft alles gemaakt (Hebr: pa?al - gedaan, gemaakt #Strongs 6466) voor Hemzelf; ja, ook den goddeloze voor den dag des kwaads.
Welke dominee of priester of voorgangen in het gevestigde christendom is het met Jozef eens ? Er is er niet één. Daarentegen spreken ze allen met een dubbele tong over Gods soevereiniteit, en verklaren met diezelfde dubbele tong dat jij, en jij alleen, verantwoordelijk bent om Christus als je Verlosser te accepteren. Men geloofd dat God geen invloed heeft over onze vermeende "vrije wil" Waar staat er in Gods woord de woorden "vrije wil"? Serieus, waar staat het, waar kan ik het in de Heilige Schrift vinden ? Is dit de Schrift die bewijst dat we allen een "vrije wil" hebben ?
Jozua 24:15 Doch zo het kwaad is in uw ogen den HEERE te dienen, kiest u heden, wien gij dienen zult; hetzij de goden, welke uw vaders, die aan de andere zijde der rivier waren, gediend hebben, of de goden der Amorieten, in welker land gij woont; maar aangaande mij, en mijn huis, wij zullen den HEERE dienen!
Ik daag hierbij iedereen uit om mij te tonen dat in dit vers of in enig ander vers in Gods Woord, waar ons verteld wordt dat God geen flauw idee heeft van wat Israel gaat kiezen om te doen. Waar in dit, of enig ander vers in Gods Woord wordt ons verteld dat God niet eerst verhardt of barmhartigheid toont aan iedere Israeliet aan wie Hij zegt "kies nu heden" ?
Waarom, als God geen idee had wat Adam en Eva zouden gaan doen, wordt ons verteld dat Christus "geslacht is, van de grondlegging der wereld."
Openb. 13:8 En allen, die op de aarde wonen, zullen hetzelve aanbidden, welker namen niet zijn geschreven in het boek des levens, des Lams, Dat geslacht is, van de grondlegging der wereld.
En nogmaal....wanneer waren de namen van degenen die Gods eerstelingen zijn van "allen in Adam...geschreven in het boek des levens ? En wanneer waren alle anderen tijdelijk "niet geschreven" in dat boek des levens ? Wat zegt de Heilige Schrift ?
"welker namen niet zijn geschreven in het boek des levens, des Lams, Dat geslacht is, van de grondlegging der wereld." is wat de Schrift zegt.
Waarom zijn ze niet geschreven "in het boek des levens, des Lams, Dat geslacht is, van de grondlegging der wereld" ?
Exo 32:31 Zo keerde Mozes weder tot den HEERE, en zeide: Och, dit volk heeft een grote zonde gezondigd, dat zij zich gouden goden gemaakt hebben.
Exo 32:32 Nu dan, indien Gij hun zonden vergeven zult! doch zo niet, zo delg mij nu uit Uw boek, hetwelk Gij geschreven hebt.
Exo 32:33 Toen zeide de HEERE tot Mozes: Dien zou Ik uit Mijn boek delgen, die aan Mij zondigt.
Het feit dat God "uit Mijn boek delgt, die aan Mij zondigt." bewijst dat de gehele mensheid in Gods boek des levens, des Lams staan. Dat de meeste mensen tijdelijk uit dat boek verwijdert worden was al besloten voor Adam gecreërt "verdorven, als leem, in de hand des pottenbakkers" was:
2Tim 1:9 Die ons heeft zalig gemaakt, en geroepen met een heilige roeping; niet naar onze werken, maar naar Zijn eigen voornemen en genade, die ons gegeven is in Christus Jezus, voor de tijden der eeuwen (aionios);
Tit 1:2 In de hoop des eeuwigen (aion) levens, welke God, Die niet liegen kan, beloofd heeft, voor de tijden der eeuwen (aionios), maar geopenbaard heeft te Zijner tijd;
Jer 18:4 En het vat, dat hij maakte (Adam, en allen in Adam), was verdorven, als leem, in de hand des pottenbakkers; toen maakte hij daarvan weder een ander vat, gelijk als het recht was in de ogen des pottenbakkers te maken.
Het is onmogelijk om Gods Woord te verstaan als je je niet realiseert dat beiden de Hebreeuws en Griekse taal over het algemeen geschreven zijn in aorist tijd, wat wij in het Nederlands de "tegenwoordige actieve tijd" zouden noemen. Wanneer we lezen dat God de mens naar Zijn evenbeeld maakt, dan staat er daadwerkelijk in het Hebreeuws dat God mensen naar Zijn evenbeeld makende is. Met andere woorden "een ander vat, gelijk als het recht is in de ogen van de Pottenbakker, ...aan het beeld van Zijn Zoon gelijk". Dat is wat straks het uiteindelijke resultaat zal zijn. De mensheid zit in dat actieve "makende, creërende" proces. "makende naar het beeld van God"
Als de eerste Adam daadwerkelijk alreeds naar het beeld van God gemaakt was,klaar, gereed, waarom moet hij dan "aan het beeld van Zijn Zoon" gelijkgemaakt worden ? Als Adam en Eva al compleet waren bij hun schepping, en niet verdorven als leem in de hand van de Pottenbakker, waarom hadden ze dan lust en begeerte naar de vrucht waarvan God geboden had dat ze er niet van zouden eten ? Precies ja, Adam en Eva begingen de zonde van lust voor ze de boom van kennis van goed en kwaad ook maar aangeraakt hadden. Het was niet het fysieke eten van de boom wat hun lust opwekte. Het was de "verdorven in de hand van de Pottenbakker" conditie die veroorzaakte dat ze lustte naar dat waarvan geboden was er niet van te eten. Het was God die het alles "naar de raad van Zijn wil (Efe 1:11)" werkte. (Lees ook de studie "naar de raad van Zijn wil" elders op de website)
Verdorven zijn in de hand van de Pottenbakker is een voorwaarde om in de Geest geboren te worden.
Joh 3:5 Jezus antwoordde: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Zo iemand niet geboren wordt uit water (vleselijk eerst) en Geest (maakte hij daarvan weder een ander vat,) hij kan in het Koninkrijk Gods niet ingaan.
Joh 3:6 Hetgeen uit het vlees geboren is, dat is vlees; en hetgeen uit den Geest geboren is, dat is geest.
Joh 3:7 Verwonder u niet, dat Ik u gezegd heb: Gijlieden moet wederom geboren worden.
Joh 3:8 De wind blaast, waarheen hij wil, en gij hoort zijn geluid; maar gij weet niet, van waar hij komt, en waar hij heen gaat; alzo is een iegelijk, die uit den Geest geboren is.
1 Kor 15:44 Een natuurlijk lichaam wordt er gezaaid, een geestelijk lichaam wordt er opgewekt. Er is een natuurlijk lichaam, en er is een geestelijk lichaam.
1 Kor 15:45 Alzo is er ook geschreven: De eerste mens Adam is geworden tot een levende ziel; de laatste Adam tot een levendmakenden Geest.
1 Kor 15:46 Doch het geestelijke is niet eerst, maar het natuurlijke, daarna het geestelijke.
1 Kor 15:47 De eerste mens is uit de aarde, aards; de tweede Mens is de Heere uit den Hemel.
1 Kor 15:48 Hoedanig de aardse is, zodanige zijn ook de aardsen; en hoedanig de Hemelse is, zodanige zijn ook de hemelsen.
1 Kor 15:49 En gelijkerwijs wij het beeld des aardsen gedragen hebben, alzo zullen wij ook het beeld des Hemelsen dragen.
1 Kor 15:50 Doch dit zeg ik, broeders, dat vlees en bloed het Koninkrijk Gods niet beerven kunnen, en de verderfelijkheid beerft de onverderfelijkheid niet.
In tegenstelling tot al de leugens van Babylon en van de slang zelf, waren Adam en Eva sterfelijk, vergankelijk, naakt, uit het stof, zondig vlees en bloed, onrechtvaardig gemaakt, ontvangen in zonden en verdorven in de hand van de Pottenbakker. En op die wijze creert de Pottenbakker ons in Adam allemaal, tot op de huidige dag.
Psa 51:5 Zie, ik ben in ongerechtigheid geboren, en in zonde heeft mij mijn moeder ontvangen.
Rom 7:5 Want toen wij in het vlees waren, werkten de bewegingen der zonden, die door de wet zijn, in onze leden, om den dood vruchten te dragen.
Rom 7:18 Want ik weet, dat in mij, dat is, in mijn vlees, geen goed woont; want het willen is wel bij mij, maar het goede te doen, dat vind ik niet.
En waarom kunnen wij volgens de Heilige Schrift geen goed doen, terwijl het willen wel bij mij is ? Dienen we ons vlees door onze illusie van "vrije wil" of is er een andere factor waar rekening mee gehouden moet worden ? Werkt God niet alle dingen naar de raad van Zijn wil ? Wat zegt de Heilige Schrift ? Hier komt nogmaals wat de Schrift, van Genesis tot en met Openbaringen ons onderwijst:
Fillip. 2:13 Want het is God, Die in u werkt beide het willen en het werken, naar Zijn welbehagen.
Beide het willen en het werken ? Precies ja, dat is niet wat Babylon onderwijst, maar dat is wel wat de Schrift onderwijst. Beiden onze wil, en onze werken, zijn beiden "Want het is God, die in u werkt"
Spr. 16:1 De mens heeft schikkingen des harten; maar het antwoord der tong is van den HEERE.
Spr. 20:24 De treden des mans zijn van den HEERE; hoe zou dan een mens zijn weg verstaan?
Jer 10:23 Ik weet, o HEERE! dat bij den mens zijn weg niet is; het is niet bij een man, die wandelt, dat hij zijn gang richte.
"Het is niet bij een man die wandelt dat hij ...." vrij kiest om God al dan niet te gehoorzamen. De mens heeft geen beschikking over "onveroorzaakte vrije wil". De mens is "verdorven in de hand van de Pottenbakker" Wat God schiep was een zonde machine...in de mens is geen goed ding....hij is in ongerechtigheid geschapen en in zonde geboren....het is niet aan de mens zijn weg te bepalen.
Efe 2:8 Want uit [kastijdende] genade zijt gij zalig geworden door het geloof; en dat [genade door geloof] niet uit u, het is Gods gave;
Efe 2:9 Niet uit [onze] de werken, opdat niemand roeme.
Efe 2:10 Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus tot goede werken, welke God voorbereid heeft, opdat wij in dezelve zouden wandelen.
Dat is wat het zegt; alle "goede werken die we doen zijn feitelijk Zijn werken, vooraf bereid, voorordineert, opdat wij in dezelfde zouden wandelen" "Het is God die in ons [allen] werkt, beiden het willen en het werken, naar Zijn welbehagen"
Genesis verteld ons de waarheid vanaf het begin. In het laatste hoofdstuk, om er zeker van te zijn dat we niet zullen falen om te begrijpen (weinigen nu, de rest van de mensheid later) hoe God met de mensheid werkt, wordt ons nogmaal verteld:
Gen 50:18 Daarna kwamen ook zijn broeders, en vielen voor hem neder, en zeiden: Zie, wij zijn u tot knechten!
Gen 50:19 En Jozef zeide tot hen: Vreest niet; want ben ik in de plaats van God?
Gen 50:20 Gijlieden wel, gij hebt kwaad tegen mij gedacht; doch God heeft dat ten goede gedacht; opdat Hij deed, gelijk het te dezen dage is, om een groot volk in het leven te behouden.
En voor diegenen die "het Woord kunnen ontvangen": Hier heeft u Gods doctrine voor all kwaad. "doch God heeft dat ten goede gedacht; opdat Hij deed, gelijk het te dezen dage is, om een groot volk in het leven te behouden."
Het is voor dit doel dat God zijn uitverkorenen verkoopt naar de gevangenissen van Egypte, om ze van daar uit te laten komen met als doel de meest verschrikkelijke van alle mensen barmhartigheid te geven.
1 Kor 15:22 Want gelijk zij allen in Adam sterven, alzo zullen zij ook in Christus allen levend gemaakt worden.
1Tim 2:4 Welke wil, dat alle mensen zalig worden, en tot kennis der waarheid komen.
1Tim 4:10 Want hiertoe arbeiden wij ook, en worden versmaad, omdat wij gehoopt hebben op den levenden God, Die een Behouder is aller mensen, maar allermeest (niet exclusief) der gelovigen.
2Pe 3:9 De Heere vertraagt de belofte niet (gelijk enigen dat traagheid achten), maar is lankmoedig over ons, niet willende, dat enigen verloren gaan, maar dat zij allen tot bekering komen.
Wat is aionios leven ? Het is leven wat Christus geeft aan hen die in de heilige en zalige eerste opstanding zijn
Mat 25:46 En dezen zullen gaan in de eeuwige (aionios) pijn; maar de rechtvaardigen in het eeuwige (aionios) leven.
Ainios leven is voor hen die leven ontvangen in dit vat van klei in dit aion (tijdperk)
Joh 5:24 Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Die Mijn woord hoort, en gelooft Hem, Die Mij gezonden heeft, die heeft het eeuwige (aionios) leven, en komt niet in de verdoemenis, maar is uit den dood overgegaan in het leven.
1Joh 3:14 Wij weten, dat wij overgegaan zijn uit den dood in het leven, dewijl wij de broeders liefhebben; die zijn broeder niet liefheeft, blijft in den dood.
Het vervangt het loon van de zonden die wij allemaal geërfd hebben van onze vleselijke vader Adam. Christus, zoals Jozef demonstreerd in de omgang met zijn broeders die Hem dood wilde hebben, houd ze aansprakelijk voor hun daden, hun hun zonden vergevende, en door het alles heen erkennend dat het alles veroorzaakt en bewerkstelligd is door de soevereine, leidende hand van Zijn God; Een God die al voorzien heeft in verzoening "En Hij is een verzoening voor onze zonden; en niet alleen voor de onze, maar ook voor de zonden der gehele wereld." (1 Joh 2:2) De gehele wereld, aan wie Hij, op Zijn aangewezen tijd, Zijn gift van onsterfelijkheid zal geven.
Gen 50:21 Nu dan, vreest niet! Ik (Jozef) zal u en uw kleine kinderen (Zijn broeders die hem dood wilde hebben) onderhouden. Zo troostte hij hen, en sprak naar hun hart.
Deze zelfde boodschap word herhaald door Gods Geest in het Nieuwe Testament:
1Joh 2:2 En Hij is een verzoening voor onze zonden; en niet alleen voor de onze, maar ook voor de zonden der gehele wereld.
Rom 6:23 Want de bezoldiging (het loon) der zonde (van de gehele mensheid) is de dood, maar de genadegift Gods (aan Zijn uitverkorenen) is het eeuwige (aionios) leven, door Jezus Christus, onzen Heere.
Ontkent de Schriftuurlijke doctrine van alverzoening de noodzakelijkheid voor gerechtigheid en oordeel ? Dat doet het absoluut niet ! God is een rechtvaardig God. Laat het nooit onduidelijk zijn dat Gods Woord niet op een rechtvaardige manier handelt met zonde. Laat niemand verleidt worden door te denken dat de vergeving van zonden op één of ander manier de woorden van onze Heer ongedaan maken:
Gal 6:7 Dwaalt niet; God laat Zich niet bespotten; want zo wat de mens zaait, dat zal hij ook maaien.
Vergeving van zonden zal het loon van de zonden, dood, wegnemen. We worden geestelijk dood geboren
Matth 8:22 Doch Jezus zeide tot hem: Volg Mij, en laat de doden hun doden begraven.
Rom 7:24 Ik ellendig mens, wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods?
Vergeving van zonden maakt de noodzakelijkheid van gerechtigheid en het maaien wat we zaaien niet ongedaan. Gods Woord spreekt zichzelf niet tegen. Wat we zaaien zullen we zeker maaien. Hier is het principe aangaande al God's oordelen:
Luk 12:47 En die dienstknecht, welke geweten heeft den wil zijns heeren, en zich niet bereid, noch naar zijn wil gedaan heeft, die zal met vele slagen geslagen worden.
Luk 12:48 Maar die denzelven niet geweten heeft, en gedaan heeft dingen, die slagen waardig zijn, die zal met weinige slagen geslagen worden. En een iegelijk, wien veel gegeven is, van dien zal veel geeist worden; en wien men veel vertrouwd heeft, van dien zal men overvloediger eisen.
Wat doet genade ?
Dit leid ons naar de betekenis van genade, het instrument waardoor we allen verlost worden:
Efe 2:8 Want uit genade zijt gij zalig geworden door het geloof; en dat niet uit u, het is Gods gave;
Efe 2:9 Niet uit de werken, opdat niemand roeme.
Uit genade...niet uit werken ? Wat is deze genade toch, waar iedereen zoveel over spreekt, maar wat zo slecht begrepen wordt ? Wat bereikt "genade" in het leven van de gelovige ? Dit is wat genade bereikt:
Tit 2:11 Want de zaligmakende genade Gods is verschenen aan alle mensen.
Tit 2:12 En onderwijst ons, dat wij, de goddeloosheid en de wereldse begeerlijkheden verzakende, matig en rechtvaardig, en godzalig leven zouden in deze tegenwoordige wereld (aion);
Volgens het Woord van God "onderwijst" genade ons om goddeloosheid en wereldse begeerlijkheden te verzaken, en "onderwijst" het ons om matig, rechtvaardig en Godzalig te leven in deze tegenwoordige wereld (aion). Hoe "onderwijst" genade ons om goddeloosheid te verzaken ?
Ook hier worden we letterlijk beroofd van het kennen van God en Jezus Christus door de onbestendigheid van onze vertalers. Ik realiseer me ten volle dat "alle dingen uit God zijn" (2 Kor 5:18), ik ben volledig bekend met het feit dat God "alle dingen werkt naar de raad van Zijn wil" (Efe 1:11) Dit alles betekend niet minder dan dat God onbestendige vertalers gebruikt om de ogen van de "veel geroepen" te verblinden, maar niet de ogen van de "weinig uitverkoren" Het woord wat vertaald wordt met "onderwijst" in Titus 2:12 is het Griekse woord 'paideuo'. Hier volgt Strongs lijst aangaande hoe dit woord in de King James Version vertaald is:
G3811
paideuo¯
Total KJV Occurrences: 13
chastened, 3
1Co_11:32, 2Co_6:9, Heb_12:10
chasteneth, 2
Heb_12:6-7 (2)
chastise, 2
Luk_23:16, Luk_23:22
chasten, 1
Rev_3:19
instructing, 1
2Ti_2:25
learn, 1
1Ti_1:20
learned, 1
Act_7:22
taught, 1
Act_22:3
teaching, 1
Tit_2:12
Acht van de dertien keer dat dit woord voorkomt wordt het vertaald in de betekenis van tuchtigen of kastijden, de andere vijf voeden de gedachten dat het gaat om onderwijs of instructie.
Laten we naar de eerste vier toepassingen in de lijst:
1 Kor 11:31 Want indien wij onszelven oordeelden, zo zouden wij niet geoordeeld worden.
1 Kor 11:32 Maar als wij geoordeeld worden, zo worden wij van den Heere getuchtigd [Grieks - paideuo], opdat wij met de wereld niet zouden veroordeeld worden.
2 Kor 6:9 Als onbekenden, en nochtans bekend; als stervenden, en ziet, wij leven; als getuchtigd [Grieks - paideuo], en niet gedood;
Heb 12:9 Voorts, wij hebben de vaders onzes vleses wel tot kastijders gehad, en wij ontzagen hen; zullen wij dan niet veel meer den Vader der geesten onderworpen zijn, en leven?
Heb 12:10 Want genen hebben ons wel voor een korten tijd, naar dat het hun goed dacht, gekastijd [Grieks - paideuo]; maar Deze kastijdt ons tot ons nut, opdat wij Zijner heiligheid zouden deelachtig worden.
En ons laatste citaat uit de lijst hierboven maakt duidelijk wat God met het woord 'paideuo' bedoelt:
Heb 12:6 Want dien de Heere liefheeft, kastijdt [Grieks - paideuo] Hij, en Hij geselt een iegelijken zoon, die Hij aanneemt.
Heb 12:7 Indien gij de kastijding [Grieks - paideia] verdraagt, zo gedraagt Zich God jegens u als zonen; (want wat zoon is er, dien de vader niet kastijdt [Greek - paideuo] ?)
Wat genade dus doet is het kastijden en geselen van elke zoon die Hij liefheeft. Als we dan hetvolgende vers lezen:
Rom 5:20 Maar de wet is bovendien ingekomen, opdat de misdaad te meerder worde; en waar de zonde meerder geworden is, daar is de [kastijdende] genade veel meer overvloedig geweest;
Wanneer we begrijpen wat genade is in Gods ogen, dan zullen we een veel dieper begrip hebben aangaande wat hier in Rom 5:20 gezegd wordt. Als genade "kastijd om goddeloosheid te verzaken" dan zullen we begrijpen dat de vrije gift op geen enkele wijze aanmoedigt tot zondigen of in zonden te blijven, maar dat het veelmeer "kastijd en geselt elke zoon die Hij aanneemt...om goddeloosheid en wereldse begeerten te verzaken en Godzalig te leven in deze tegenwoordige wereld (aion). Het is een "vrije gift" omdat God ons geen rooie cent in rekening brengt om ons te kastijden en te geselen elke keer als we tegen Hem zondigen
Aionios leven word door genade aan de mens gegeven, maar alleen in een bepaalde orde, en ik citeer nogmaals:
1 Kor 15:22 Want gelijk zij allen in Adam sterven, alzo zullen zij ook in Christus allen levend gemaakt worden.
1 Kor 15:23 Maar een iegelijk in zijn orde: de eersteling Christus, daarna die van Christus zijn, in Zijn toekomst.
1 Kor 15:24 Daarna zal het einde zijn, wanneer Hij het Koninkrijk aan God en den Vader zal overgegeven hebben; wanneer Hij zal te niet gedaan hebben alle heerschappij, en alle macht en kracht.
1 Kor 15:25 Want Hij moet als Koning heersen, totdat Hij al de vijanden onder Zijn voeten zal gelegd hebben.
1 Kor 15:26 De laatste vijand, die te niet gedaan wordt, is de dood.
1 Kor 15:27 Want Hij (de Vader) heeft alle dingen Zijn (Christus) voeten onderworpen. Doch wanneer Hij (de Vader) zegt, dat Hem (Christus) alle dingen onderworpen zijn, zo is het openbaar, dat Hij (de Vader) uitgenomen wordt, Die Hem (Christus) alle dingen onderworpen heeft.
1 Kor 15:28 En wanneer Hem (Christus) alle dingen zullen onderworpen zijn, dan zal ook de Zoon Zelf onderworpen worden Dien (de Vader) , Die Hem (Christus) alle dingen onderworpen heeft, opdat God zij alles in allen.
Ziet u dat aionios leven, hoe wonderlijk, mooi en nodig het ook is, niet Gods ultieme doel is. Zijn ultieme doel bereikt Hij nadat de aionen tot vervolmaking komen als deze aionen hun doel gediend hebben in het ons allen op dat punt brengen waar God "alles wordt in allen"
Het feit dat de aionen een begin en een eind hebben ontkent op geen enkele wijze dat de aionen Gods kanaal zijn om onsterfelijkheid te geven, onsterfelijkheid gaat door na de consumering van de aionen, aan al Zijn schepselen van alle tijd en plaats.
Ik voelde me genoodzaakt om te laten zien dat de doctrine van universele verlossing (alverzoening), wanneer Schriftuurlijk onderwezen, op geen enkele manier ontkent dat God een rechtvaardig God is, en dat wij allen, niemand uitgezonderd, zullen maaien wat we zaaien.
Bijbelstudie door Mike Vinson
Vertaald en bewerkt door Robin Korevaar
