Die alle dingen werkt naar de raad van Zijn wil

door Mike Vinson - vertaald door Robin Korevaar

Deel 18 – Het Nieuwe Testament aangaande “Allen in Adam”

We hebben het onderwijs van Christus aan zijn discipelen dat Hij allen tot zich zou trekken besproken (Joh. 12:32). We hebben Paulus statement “Want gelijk zij allen in Adam sterven, alzo zullen zij ook in Christus allen levend gemaakt worden.” (1 Kor 15:22) genoemd. We hebben laten zien dat niemand tot Christus kan komen dan dat de Vader hem trekt (Joh. 6:44). We hebben laten zien dat het alleen diegenen zijn die het gegeven is om de geheimenissen van het koninkrijk van God te zien, het ook zien, en dat de massa verblind wordt door God zelf. (Matth. 13: 11 en 17; Matth. 20:16; Matth. 22:14). Dit zijn Schriftgedeelten uit het Nieuwe Testament die ontkent, genegeerd en tegengesproken worden door de afgoden van ons hart.

Welke WIL, dat ALLE MENSEN zalig worden, en tot kennis der waarheid komen. (1 Tim. 2:4)

God, Die een Behouder is ALLER MENSEN, maar allermeest (Omdat zij door God verkozen eerstelingen zijn, niet de enigen) der gelovigen. (1 Tim. 4:10)

Wat leert Paulus wat er van ons terechtkomt als we kwade werken hebben ? “Eens iegelijks werk zal openbaar worden; want de dag zal het verklaren, dewijl het door vuur ontdekt wordt; en HOEDANIGEN EEN IEGELIJKS WERK IS, zal het vuur beproeven.” (1 Kor 3:13)

Petrus verteld ons dat we niet vreemd op moeten kijken aangaande de hitte der verdrukking “om ons te beproeven ….Want het is de tijd, dat het oordeel beginne van het huis Gods” (1 Petrus 4: 12,17) Deze Schriftgedeelten leren ons over het doel van “vuur”. Laten we teruggaan naar 1 Korinthiers 3 en laat Paulus zijn door Gods Geest geïnspireerde gedachte afmaken. “Zo iemands werk blijft, dat hij daarop gebouwd heeft, die zal loon ontvangen.” (1 Kor. 3:14). Dit vers is algemeen goed, maar het volgende vers is dat niet. Wat leert God ons door Paulus precies aangaande degenen die geen goede werken hebben ? : “Zo iemands werk zal verbrand worden, die zal schade lijden; MAAR ZELF ZAL HIJ BEHOUDEN WORDEN, DOCH ALZO ALS DOOR VUUR” (1 Kor. 3:15)

Wat Paulus ons hier leert is dat alles wat het vuur niet kan weerstaan (Goud, zilver, edelstenen) zal verbrand worden (hout, hooi, stoppelen) (1 Kor. 3:12)

Dit thema word herhaald in Hebreen 6:8 “Maar die doornen en distelen draagt, die is verwerpelijk, en nabij de vervloeking, welker einde is tot verbranding.”

Het oordeel voor de Grote Witte Troon en de Poel van Vuur.

Er is dus geen enkele manier om het vuur welke de Boom des Levens bewaakt, Christus, te omzeilen. De enige manier om bij Hem te komen is door het uitbranden van alles wat in ons is wat een belediging is voor God.

Er zijn twee manieren waar en waarop dit gebeurt. Er zijn twee oordelen.: “Want het IS DE TIJD, dat het oordeel BEGINNE aan het huis Gods; en indien het eerst aan ons begint, welk zal het einde zijn dergenen, die het Evangelie van God ongehoorzaam zijn? En indien de rechtvaardige nauwelijks zalig wordt, waar zal de goddeloze en zondaar verschijnen?”  (1 Petrus 4: 17-18)

Waar zal de goddeloze en de zondaar verschijnen ? Zij zullen verschijnen in het volgende oordeel. Zij zullen verschijnen voor de Grote Witte Troon waar Openbaringen 20:11 over spreekt. En wat gebeurt er daar ? Leert de Heilige Schrift ons dat de doden die boze werken hadden in het leven, wiens werken “hout, hooi en stoppelen waren” , “nabij de vervloeking welker einde is tot verbranding” “dood en hel (sheol / hades) werden in de poel van vuur geworpen”. (Openb. 20:14) Zijn dit de Schriftgedeelten die ons leren dat al deze boze mensen gepijnigd en gemarteld gaan worden in een letterlijk vuur voor alle eeuwigheid of anders opbranden en dood zijn voor alle eeuwigheid ? Nee, dat wordt ons niet geleerd in de Schrift. Het is een afgod, een valse doctrine die van onze liefdevolle Vader een harteloos God maakt.

Het is geen oordeel voor de Grote Zwarte Troon…het is een oordeel voor de Grote WITTE Troon. En wat leert de Schrift wat oordeel is ?: “Maar als wij geoordeeld worden, zo worden wij van den Heere getuchtigd……” (1 Korinte 11:32), niet gemarteld of gepijnigd of gedood voor alle eeuwigheid der eeuwigheden.

Hier heeft u het doel van Gods oordeel. “Want dien de Heere liefheeft, kastijdt Hij, en Hij geselt een iegelijken zoon, die Hij aanneemt.” (Hebr 12:6) want “het oordeel begint (het eindigt er niet) aan het huis Gods" (1 Petrus 4:17)

Als dus het oordeel begint aan het huis van God, en wij worden gekastijd door de HEERE, waarom denken we dan dat het tweede oordeel iets anders zou doen ? Wat leert de Schrift ons aangaande de uitkomst van God’s oordelen ? “…..want wanneer Uw gerichten (nu beginnend aan het huis van God, straks het oordeel voor de Grote Witte Troon) op de aarde zijn, zo leren DE INWONERS DER WERELD gerechtigheid.” (Jesaja 26:9)

Op het eind, en aan het einde van het boek Openbaringen, is het verhaal hetzelfde als aan het eind van het boek Genesis: “.. doch God heeft dat (het kwade bedreven door de broers van Jozef) ten goede gedacht; opdat Hij deed, gelijk het te dezen (oordeel voor de Grote Witte Troon) dage is, om een groot volk in het leven te behouden.” (Gen. 50:20) De  Nieuw Testamentische parallel aan deze Schrift is “En God zal alle tranen van hun ogen afwissen; en de dood zal niet meer zijn; noch rouw, noch gekrijt, noch moeite zal meer zijn; want de eerste dingen zijn weggegaan.” (Openb. 21:4)

U kunt dan vragen: Hoe kan je zeggen “om een groot volk in leven te behouden” wanneer ons net verteld is dat ze in de poel van vuur gegooid zijn wat “de tweede dood” is ?

Het antwoord is dat je vers 14 niet kan scheiden van vers 15. “En zo iemand niet gevonden werd geschreven in het boek des levens, die werd geworpen in den poel des vuurs.” Is voor de vernietiging van de dood en het dodenrijk (sheol/hades) van vers 14. De tweede dood is de vernietiging van “dood” zelf. We weten dat dit waar is want we weten oordeel = tuchtiging (1 Kor. 11:32), en vers 13 van Openbaringen 20 verteld ons “en zij werden geoordeeld, een iegelijk naar hun werken.”  “Er zal geen dood meer zijn” staat hier maar 5 verzen onder, en zolang er ook maar één persoon dood is, is dood niet vernietigd (en dood..geestelijke dood…is dan nog steeds)

De statements van Paulus in 1 Kor. 3:15 “Zo iemands (zondige) werk zal verbrand worden, die zal schade lijden; MAAR HIJZELF ZAL BEHOUDEN WORDEN, doch alzo als door (de poel van) vuur.” Is dan ook volkomen logisch.

Het is nu ook te bevatten dat Paulus tegen de Korinthiers zegt: “…Denzulken (de overspelige Korinthier, en dat is voor ons nu en hier niet anders) over te geven aan den satan, tot verderf des vleses, OPDAT DE GEEST BEHOUDEN MOGE WORDEN IN DE (oordeelsdag voor de Grote Witte Troon) DAG VAN DE HEERE JEZUS.” (1 Kor. 5:5)

Jozefs broers waren in geestelijke totale “buitenste duisternis” huilend en tandenknarsend, tot Jozef zich aan hen openbaarde…en hen redde.

Zoeken binnen de site

Artikelen

Links

willbe

anilink

get adobe reader

Wie is online

We hebben 91 gasten en geen leden online